Zoutelande Nieuws

Wat is een dricht?

Wat is een dricht? Een dricht is een wal die de achterliggende percelen beschermt tegen overwaaiend duinzand, ze liggen kort achter de duinen en zijn waarschijnlijk gemaakt van zandgrond uit de directe omgeving. Bij storm waait het zand over de duinen en daalt aan de landkant weer neer. Aan de zuidwest kant van Walcheren “wandel(d)en” de duinen steeds meer landinwaarts en zo ging er vooral in vroeger tijd veel land verloren. Over honderden jaren gemeten heeft de gemeente Zoutelande op deze manier flink wat land ingeleverd. Dat landverlies is nu vrijwel tot staan gebracht. De duinen zijn veel meer begroeid en waaien niet meer zoveel over en de visie van het Waterschap Zeeuwse Eilanden en Rijkswaterstaat is om de huidige kustlijn in stand te houden zodat deze niet verder achteruit gaat, als het zand wel overwaait wordt dit met machines van b.v. het fietspad verwijderd.

Er zijn twee verschillende soorten drichten: De dricht die is aangelegd om de er achter liggende percelen te beschermen tegen overwaaiend duinzand (zandvang). Deze dricht liep waarschijnlijk van Westkapelle tot Vlissingen, evenwijdig aan de duinen. Vanwege hun functie liggen deze drichten op de scheiding van vroon- en weiland, met aan de landzijde van die dricht een sloot of greppel, we zien die greppel nog heel goed terug bij de drichten tussen Valkenisse en Dishoek. Waar de weg tussen Westkapelle en Vlissingen over het vroon liep lagen de drichten aan de noordoostzijde van die weg.

De dricht als perceelafscheiding staat hier haaks op en loopt noordoost-zuidwest.

(Klik op een afbeelding voor een vergroting)

     

Op bovenstaande linkerfoto een dricht als perceelafscheiding, de huizen rechts staan aan de Langstraat. Er was ook een dricht ter hoogte van het Duinstraatje, die is rond 1934 afgegraven. Op de rechterfoto een dricht als perceelafscheiding bij pension Kaapduin. Naar links zien we de dricht die hier langs de Duinslag lag, ten noordoosten van de weg.

Hoe zijn de drichten ontstaan?

De drichten die langs een weg lopen zijn aangelegd om de er achter liggende percelen te beschermen tegen overwaaiend duinzand, ze komen dan ook alleen vlak achter de duinen voor. Vermelding van een dricht met het woord “santware” komt al in een overloper uit 1585 voor, dus in die tijd bestonden ze al. Bij het vermelden van de drichten van Valkenisse en Dishoek ga ik nader op dit woord in.

De drichten als perceelafscheiding zullen in dezelfde tijd zijn ontstaan, waarschijnlijk uit overgewaaid zand dat men van weg en weiland schepte om ze zandvrij te maken. De Walcherse Arcadia van Gargon uit 1709 vermeldt dat boeren met paarden en karren worden gevorderd om het overgewaaide zand van de straten te scheppen en als er veel zand over het weiland waaide is het duidelijk dat het op den duur voor gebruik verloren ging zodat het ook hier moest worden verwijderd. Het zand zou dan naar de rand van een perceel getransporteerd zijn om zo ook een afscheiding te vormen tussen verschillende percelen, afscheidingen van (prikkel) draad waren er toen natuurlijk nog niet. In de online krantenbank van de Zeeuwse bibliotheek heb ik op het woord “dricht” en “drichten” gezocht en de enige “hits” betreffen Domburg en Zoutelande. Zo te lezen werden op Domburg “drichten” ook wel speciaal aangelegd om opgroeiend houtgewas te beschermen maar daarvan is mij op Zoutelande niks bekend. Te Zoutelande vormden zich drichten langs wegen en in weilanden en ze zijn in feite het symbool van de strijd tegen het overwaaiende duinzand waar de Zoutelandenaren hun bijnaam van “Zandvreters” aan te danken hebben.

    Duinovergang “De Drichten” tussen Zoutelande en Westkapelle.

Waar waren er vroeger drichten te vinden.

Wegen op Zoutelande waar een dricht naast ligt of heeft gelegen liggen vlak bij de duinen en zijn het begin van de Westkapelseweg en aan het Noordervroon. Aan het Noordervroon werd een groot deel van deze dricht rond 1960 afgegraven, slechts een klein stukje resteerde nog maar dat is afgegraven in januari 2021. De dricht aan de Westkapelseweg verdween in 1932 bij het verbreden van de weg.

                         

Links op de linkerfoto de Dricht aan de Westkapelseweg en op de rechterfoto die aan het Noordervroon.

                             

Op de linkerfoto het afgraven van de dricht aan het Noordervroon rond 1960 en op de rechterfoto het kleine stukje wat in 2021 is afgegraven.

Verder lag/ligt er ook een dricht aan de Duinweg die vroeger waarschijnlijk één geheel vormde met de nog bestaande dricht in het bos tussen Valkenisse en Dishoek, die lag langs de weg naar Vlissingen. Volgens verschillende historici is dit een inlaagdijk en het wordt dan ook wel het vroondijkje genoemd maar volgens mij klopt dat niet. In het boekje: De veldnamen van Zoutelande en Biggekerke lezen we namelijk dat het vroondijkje bij Koudekerke in een oude overloper uit 1585 een santware wordt genoemd. (Bron: De Veldnamen van Zoutelande en Biggekerke uitg. Heemkundige kring Walcheren blz 13 en Bron Onderzoek Vlam blz 43). Het eerste lid van dit woord behoeft geen verdere uitleg maar het laatste lid van het woord komt van “weer” dat bescherming of verdediging betekent. Volgens het woordenboek der Nederlandse Taal betekent het woord “weer” voor Zeeland zelfs letterlijk: ter aanduiding van een (aarden) walletje dat moestuinen, bouwland e.d. tegen opstuivend zand beschermt. (met dank aan dr. P.A. Kerkhof voor de uitleg over het woord santware. Bron: Woordenboek der Nederlandse Taal)

De santware is dus een walletje om de achterliggende percelen tegen het overwaaiende duinzand te beschermen en is daarmee gelijk aan een dricht. Van Valkenisse heb ik geen oude foto’s waarop de dricht is te zien maar wel van Kaapduin en Dishoek. Op deze foto’s is duidelijk te zien dat de drichten hier ook noordoost van de weg liggen en het dus m.i. drichten zijn en geen inlaagdijk. De dricht is nog goed te zien tussen Groot-Valkenisse en de Strandweg ook de ernaast gelegen greppel is op sommige plaatsen nog goed waarneembaar.

     

Op de linkerfoto zien we de dricht op een oude foto van Dishoek, die voor de zomerhuisjes langs loopt. Op de rechterfoto de dricht bij Kaapduin (onder de witte pijlen), ook hier loopt de dricht noordoostelijk van de weg.

            

Op bovenstaande foto’s de dricht tussen Valkenisse en Dishoek, die lag langs de weg Zoutelande-Vlissingen. Moeilijk te fotograferen maar nog goed herkenbaar in het landschap met aan de noordoost zijde een greppel.

In de Duinweg voor de percelen nr. 53, 55 en 57 vinden we de laatste drichten van Zoutelande die nog in goede staat zijn, rond 1930 liep de dricht in de duinweg nog tot voor “Het Pauwtje” (Nu Duinweg 63) van Gerard Bergsma blijkt uit een artikel uit de De Zeeuw, Christelijk Historisch Nieuwsblad, van 22 oktober 1930 (Bron: Krantenbank Zeeuwse Bibliotheek). Ook toen was er discussie over de eigendomsrechten van de dricht, particulier of gemeente? En ook toen was de aanleiding het verbeteren (verharden) en verbreden van de Duinweg.

Discussie over de eigendomsrechten van de drichten en bewijs daar voor. (Bron: Krantenbank Zeeuwse Bibliotheek, De Zeeuw, Christelijk Historisch Nieuwsblad van 22 oktober 1930)

            

Op de linkerfoto de Duinweg als zandweg met links daarvan de dricht, op de rechterfoto de dricht rond 1960.

     

        

Op de foto linksboven de dricht bij het pand Duinweg 53 de beide andere foto’s zijn gemaakt bij nr. 57. Wat blijft er nog van over als er drie meter afgehaald wordt?

Van drichten als perceelafscheiding is niet veel meer over, er was er één te vinden tussen Westkapelle en Zoutelande op de scheiding van vroon en weilanden, ongeveer waar nu een duinovergang “De Drichten” is genoemd. Verder lagen er drichten tussen de huizen aan de zuidzijde van de Langstraat en de duinen, hier lagen ze op de grenzen van verschillende percelen. Op een ansichtkaart van kort na 1900 is er duidelijk één te zien ongeveer achter de huidige Doe-het-zelf winkel Plus Klus (Zie de bovenste foto van dit artikel). Waar nu het Duinstraatje ligt lag vroeger ook een dricht, die is waarschijnlijk afgegraven bij de aanleg van het Duinstraatje in 1934. Aan de Duinweg lag een dricht ter afscheiding van de percelen van Jobse en Francke. Eind jaren ‘30 bouwde Johanna Jobse hier een woning met de toepasselijke naam “De Dricht” (Nu Duinweg 16). Na bewoning door nieuwe bewoners rond 1987 werd een groot deel van de dricht afgegraven en is er niet veel meer van over.

De drichten hebben niet alleen een cultuur historische waarde maar ze zijn ook begroeid met verschillende bomen en planten. Ze bieden dan ook een broed- en schuilplaats aan vogels en een voedingsplaats voor vlinders en bijen.

De Duinweg wacht een reconstructie en in eerste instantie zag het er voor de drichten slecht uit, ze moesten voor een groot deel wijken voor een verbreding van de weg. Volgens de gemeente Veere liggen de drichten voor een groot deel op gemeentegrond en zou er aan de oostzijde van de Duinweg zo’n drie meter van de drichten afgehaald moeten worden om de weg te verbreden. Het restant van de dricht ligt dan op particulier terrein en het is aan elke eigenaar persoonlijk wat die er mee doet. Een klein stukje historisch landschapselement dreigde uit Zoutelande te verdwijnen. De plannen zijn echter aangepast en in het nieuwe ontwerp (juni 2021) probeert men de drichten zoveel mogelijk te behouden. De reconstructie van de Duinweg zal waarschijnlijk in de winter van 2021-2022 plaats hebben.

 

©André Cijvat www.zoutelandeopfoto.nl