Zoutelande Nieuws

Het kustlicht van Zoutelande, hier beter bekend als de lichtwachter, heeft al enkele jaren (sinds 2015) zijn officiële functie verloren maar het licht brandt nog wel. Wat is de geschiedenis van het kustlicht?

(Klik op een afbeelding voor een vergroting)

Halverwege de 19de eeuw kwamen er steeds meer stoomschepen. Zeilschepen waren afhankelijk van de wind en het getij maar voor de stoomschepen gold dat niet en daardoor werd er ook steeds meer ‘s nachts doorgevaren. Om de scheepvaart ‘s nachts te begeleiden werd een nieuw stelsel van verlichting aangelegd, besloten werd tot de aanleg van verschillende kleine lichtbakens waaronder die te Kaapduin, Breskens, Westkapelle, Domburg, Zoutelande en het plaatsen van verschillende lichtschepen. Het kustlicht te Zoutelande vormde een lichtlijn met de vuurtoren van Westkapelle en brandde eerst nog met een wit licht. De bouw van de kustlichten en lichtwachterswoningen op Kaapduinen en Zoutelande volgde in 1867 (Bron: Krantenbank Zeeuwse Bibliotheek, Middelburgse Courant 16-08-1866).

Lichtwachterswoning en lichtopstand te Zoutelande rond 1920. De lichtopstanden te Kaapduin waren van eenzelfde constructie.

Omdat de olielampen handmatig moesten worden aangestoken en bijgevuld met olie kwam er een lichtwachter en ook een lichtwachterswoning. De lichtwachters waren meestal mensen van buitenaf en vaak Marine personeel. De lichtwachter zorgde voor het onderhoud van lichtopstand en woning, hier had hij geen dagtaak aan maar hij was wel zeven dagen per week in dienst en vrije dagen kende hij nauwelijks. In de korte zomernachten brandde het kustlicht op één vulling (peter)olie maar ‘s winters was dat niet genoeg en moest de lichtwachter om een uur of vier ‘s ochtends zijn bed uit om bij te vullen. Voor het kustlicht van Zoutelande kwam hier een einde aan in 1932 toen het werd geëlektrificeerd (Bron: Krantenbank Zeeuwse Bibliotheek, Vlissingse Courant 24-11-1932) maar voor Dishoek duurde deze situatie tot het einde van de oorlogsjaren(Bron: Krantenbank Zeeuwse Bibliotheek, PZC 4-04-1992). . Daarna brandden de kustlichten te Kaapduin op gas zodat ze ook hier de hele nacht door brandden. Voor het geval dat de lichtwachter ziek was of op de tijd dat het licht ontstoken moest worden echt niet beschikbaar kon wezen was er een reserve lichtwachter, ten tijde dat hij aan de Straatweg (nu Westkapelseweg) woonde was dat A. Stroo. Op Dishoek zat vanaf het begin in 1867 tot 1976, toen de functie officieel opgeheven werd een Brandes in de lichtwachterswoning maar op Zoutelande wisselde het nogal. Enkele namen van lichtwachters waren: van de Ven, van Hoepen, die vertrok naar Westkapelle, Brandes, van Rijssel, Huygens en de laatste lichtwachter was P. Mesie.

De oude lichtwachterswonig te Kaapduin, verwoest in 1944.

Na de scheepsramp met de Adder werd besloten de kustlichten te gebruiken als seinpost voor het melden van gestrande of schipbreuk leidende schepen. Hiertoe werd de lichtwachterswoning uitgerust met een telefoon, de eerste op Zoutelande, die op 1 augustus 1886 in gebruik werd genomen. Een jaar later, in september 1887, werd de telefoon gebruikt voor het melden van een in nood zijnde tjalk op het strand van Koudekerke, het schip werd echter niet gevonden en was waarschijnlijk doorgevaren(Bron: Krantenbank Zeeuwse Bibliotheek, Middelburgse Courant 1-05-1886 en 2-09-1886 en 6-10-1887) In 1890 wordt een beloning ingesteld van Fl. 5,- tot fl. 25,- voor de eerste persoon die melding maakt van een schip in nood, een flink bedrag in die tijd. In 1913 worden de instructies voor telefoneren en beloning voor het melden opnieuw vastgelegd.

Instructies voor de lichtwachter uit 1913 over het uitkeren van een beloning na het melden van een gestrand schip.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog brandden de kustlichten langs de Westerschelde niet, pas in november 1918 worden ze weer ontstoken. In de Tweede Wereldoorlog brandt het licht van het kustlicht wel maar wordt verduisterd om geen geleidelicht te zijn voor overvliegende bommenwerpers van de geallieerden, als er Duitse schepen de Westerschelde moeten passeren wordt de verduistering tijdelijk weggehaald. Vlak voor de bevrijding, op zondag 29 oktober, wordt Zoutelande door een bombardement getroffen waarbij er veel schade is en er ook twee doden zijn te betreuren. Een dag later, op maandag 30 oktober, volgt er een bombardement bij het Kustlicht, bedoeld om de weg onbruikbaar te maken. Vreemd is dat de bommen niet meteen ontploffen, het zijn tijdbommen die in de uren daarna op onregelmatige tijden ontploffen. De Lichtwachterswoning wordt zwaar beschadigd en na de oorlog niet meer herbouwd. Kort na de bevrijding worden hier nog Duitse krijgsgevangenen verzameld in een “bommepit”. Op Dishoek wordt de lichtwachterswoning ook door oorlogshandelingen vernield maar hier wordt deze later (1950) wel herbouwd. De lichtopstanden te Dishoek en Zoutelande zijn simpele metalen frames en als ze al beschadigd waren in de oorlog zijn ze dan ook makkelijk te repareren en ze worden dan ook weer gebruikt.

Op deze ansichtkaart van rond 1935 is duidelijk de eenvoudige constructie van de metalen lichtopstand te zien.

De PZC van februari 1946 meldt dat het Kustlicht van Zoutelande weer brandt(Bron: Krantenbank Zeeuwse Bibiliotheek, PZC 16-02-1946).

Uit de PZC van 16-02-1946, het kustlicht te Zoutelande brandt weer.

Op Zoutelande wordt geen nieuwe lichtwachter meer aangesteld en A. Brandes, lichtwachter te Dishoek, moet elke dag twee keer naar Zoutelande komen om het Kustlicht aan en uit te schakelen. De Kustlichten zijn verouderd en hebben het nadeel dat ze overdag slecht zichtbaar zijn voor de scheepvaart. Er wordt dan ook besloten tot de nieuwbouw van drie stenen kustlichten die hoger boven de duinen uitsteken en overdag ook goed zichtbaar zijn. De bouw wordt in november 1949 aanbesteed en op 6 december gegund aan bouwbedrijf Flipse uit Koudekerke die de drie kustlichten bouwt, in 1950, voor Fl. 20.992,-.

Voorwaarden en bestek voor de bouw van drie kustlicht torens te Dishoek en Zoutelande. Het werk werd op 6 december gegund aan bouwbedrijf Flipse te Koudekerke.

          

Op de linkerfoto zien we bij de pijl net het kapje van het oude lichtopstand, de foto is tussen 1945 en 1950 gemaakt. Op de rechterfoto zien we dat de nieuwe vuurtoren veel beter zichtbaar is, deze foto is van rond 1955.

De torens bij Dishoek en Zoutelande hebben dezelfde bouwstijl maar worden in verschillende steensoorten uitgevoerd. Op Dishoek in gele en rood/bruine baksteen, dit verwijst waarschijnlijk terug naar het lichthuis van de oude lichtopstand die roodbruin van kleur was met een witte band. Op Zoutelande wordt de vuurtoren uitgevoerd in rood/bruine baksteen, ook hier is dat een verwijzing naar de rood/bruine kleur van het oude lichthuis. Vanwege de strakke uitvoering krijgt het Zoutelandse kustlicht al snel de bijnaam van “De Sergeant”.

Het hoge en het lage licht van Dishoek, uitgevoerd in gele en rood/bruine baksteen.

Het Zoutelandse kustlicht is nu ook vanuit Dishoek te bedienen waardoor A. Brandes niet meer naar Zoutelande hoeft te komen, in 1976 worden schemerschakelaars geïnstalleerd waardoor alles geheel automatisch verloopt. In 1947 wordt er bij de lichtwachter over het duin een puinpad aangelegd waardoor men ook hier met een auto het strand op kan om b.v. de strandtenten te brengen. Ongeveer in 1957 begint Piet Maas hier een consumptietent. Hij werkt bij de PZEM en timmert met hout van zijn baas een frietkot in elkaar, aangezien hij zelf overdag werkt zijn het meestal zijn vrouw Né en dochter Nelly die hier friet en ijs verkopen, later komt ook zwager Fien (Faasse) in de zaak. In 1970 wordt de zaak verkocht aan Piet van Zuyen en Ans Landzaat het wordt dan bekend door de reclame slogan “Eet friet van Piet”. In 1978 is het over en sluiten voor het frietkot, bungalowpark Het Kustlicht is dan net aangelegd en de gemeente Valkenisse vreest dat het te gevaarlijk is als de bewoners daarvan de drukke Westkapelseweg oversteken om friet te halen.

       

Op de linkerfoto het frietkot van Piet, Né en Nelly Maas en op de rechterfoto: “Eet friet van Piet”.

Voor het kustlicht “De Sergeant” veranderen op den duur ook de tijden, door toenemende digitalisering kan men op een computer d.m.v. GPS en satellieten zien waar een schip zich bevindt. De noodzaak om gebruik te maken van de lichtlijn neemt dan ook af en in augustus 2015 wordt die officieeel buiten gebruik gesteld. De buiten gebruik stelling is duidelijk te zien aan de kleur van het licht, brandde het kustlicht voorheen met een vast (niet knipperend) rood licht vanaf augustus 2015 is het een smalle streep wit licht.

      

Op de linkerfoto “De Sergeant” met vast rood licht en op de rechterfoto met wit licht, na 2015 als de vuurtoren niet meer officieel in functie is.

De veranderde functie van het kustlicht blijkt ook uit het feit dat bij een storing reparatie niet meer zo dringend is. Wie vroeger een storing aan het Kustlicht meldde kreeg Fl. 5,- en de storing werd zo snel mogelijk verholpen maar bij een storing in januari 2018 duurde het een paar maanden voordat het licht weer brandde. Ook na een stroomstoring op bungalowpark Het Kustlicht, vroeg in de morgen van 8 september 2020, werd “De Sergeant” getroffen en viel het licht uit, reparatie volgde ook nu pas een paar maanden later. De lichtlijn van de kustlichten bij Kaapduin is nog wel in functie.

Er zijn plannen om de Kustlichten van Dishoek en Zoutelande een beschermde status te geven (Bron: PZC 6-07-2021) en misschien dat de gemeente Veere dan eigenaar wordt. Van belang is dan wel dat de gebouwtjes een functie krijgen/houden anders is onderhoud het eerste waarop bespaard wordt in tijden van bezuinigingen.

 

©André Cijvat www.zoutelandeopfoto.nl juli 2021